Turks ramadan-verleden weer ontdekt in Beverwijk
De ramadan is weer achter de rug, maar wie naar de heilige vastenmaand kijkt, kan meer ontdekken dan wat er nu speelt. De geschiedenis biedt namelijk heel interessante inzichten, met name over de ramadan in de periode van het Ottomaanse Rijk. De stichting Beheer Turks Cultureel Centrum Beverwijk groef in het verleden en kwam met opmerkelijke, bijzondere vondsten.
Hoe werden de tradities en gebruiken van de ramadan vroeger beleefd? Wat stond er bijvoorbeeld op de paleistafels? Wat zijn de oorsprong en het verhaal achter de gerechten die tijdens iftarmaaltijden nog steeds met veel plezier worden gegeten? En als we kijken naar de oude ramadan-gebruiken, wat is er dan veranderd in hoe we tegenwoordig de ramadan beleven?
Mensen van de Stichting Beheer Turks Cultureel Centrum Beverwijk (de TFN-afdeling in de regio IJmond) zijn op zoek gegaan naar antwoorden. Samen hebben ze een project over de oude ramadans opgezet. Het resulteerde in bijeenkomsten tijdens en rond de vastenmaand waarin werd stilgestaan bij het verleden.
‘Tijdens de eerste bijeenkomst bespraken we de oude ramadangebruiken en tradities: van het kanonschot dat het tijdstip van de iftar aankondigde tot aan hoe de ramadan in verschillende periodes van het Ottomaanse Rijk werd beleefd. Maar ook de de ramadan-vermakelijkheden van die tijd, over al deze onderwerpen spraken we uitgebreid’, aldus de stichting.
‘Daarna besloten we binnen onze organisatie een bijzondere ramadan-avond te organiseren en hielden we een iftar met als thema “Ottomaanse hofmaaltijd”. Op die bijeenkomst koos iedereen van het iftar-menu welk gerecht te bereiden.’ Dat gebeurde met formulieren over welke periode in het Ottomaanse Rijk het gerecht afkomstig was, hoe het werd bereid en wat het verhaal erachter is.
Informatie en verhalen over de gerechten werden tijdens de iftar met de gasten gedeeld. ‘Op die avond trokken de verhalen achter de gerechten veel belangstelling: met oude verhalen, anekdotes en grapjes werd een poëtische sfeer gecreëerd’.
Eén van de voorbeelden was keşkek. Volgens het verhaal, toen dit gerecht voor het eerst werd gemaakt en er weinig vlees in zat, zei de sultan: “Had er maar wat meer vlees in gezeten!” In de loop van de tijd is deze uitspraak op een speelse manier de naam van het gerecht geworden en begon men het ‘keşkek’ te noemen.
Een ander verhaal ging over de Çeşm-i Nigâr-soep. In het Ottomaans betekent ‘çeşm’ oog en ‘nigâr’ geliefde. Volgens de overlevering kreeg de soep deze naam, omdat het uiterlijk ervan leek op het oog van een geliefde. In de Ottomaanse keuken was het gebruikelijk om gerechten sierlijke en poëtische namen te geven. De smaak van de soep leek op de linzensoep van vandaag de dag.
Daarnaast werden tijdens de maaltijd ook de betekenissen, bereidingswijzen en verhalen van gerechten zoals İmam Bayıldı, Hünkar Beğendi en Mutancana gedeeld. Er werd zelfs verteld dat Mutancana een van de favoriete gerechten van Fatih Sultan Mehmet zou zijn geweest. Het proeven van deze gerechten gaf de gasten een bijzonder gevoel.
Het beleven van dit moment werd voor iedereen eveneens een onvergetelijke en mooie ervaring. ‘Aan het einde van de avond herinnerden we de gasten aan nog een oude traditie en overhandigden we een klein tandkistje als aandenken aan de dag. Kortom, allen gaven aan dat het een bijzonder en uniek iftar-moment was en dat ze zeer tevreden waren’.
De leuke en mooie ervaringen in Beverwijk smaken naar meer. En een goed voorbeeld kan goed doen volgen. Om de rijke Turkse cultuur levend te houden, is het de bedoeling dat ook andere afdelingen van de Turkse Federatie Nederland (TFN) vergelijkbare activiteiten gaan organiseren.






